Printversie

MOLEN DE HOOP (SINT PHILIPSLAND)

Rijksmonument : 33667


Status

: Bestaand, beschermd

Naam

: De Hoop

Bouwjaar

: 1724

Categorie

: Windmolen

Type

: Achtkante grondzeiler

Kenmerken

: Achtkante molen

Functie

: Korenmolen

Versiering

: Eenvoudige baard, wit geverfd, rood afgebiesd, met de opschriften 'ANNO 1724' en daaronder 'De Hoop', met daarbij nog enige geverfde cirkels.
Aan de achterzijde van de kap een eenvoudige windvaan.

Plaats

: Oostdijk 2, Sint Philipsland

Co÷rdinaten

: X=70542, Y=403939

Gemeente

: Tholen

Eigenaar

: Gemeente Tholen

Bedrijfsvaardigheid

: Maalvaardig

Bestemming

: Vh. het malen van graan; thans buiten bedrijf

Molenaar

: dhr. J.J. Reijngoudt

Telefoon

: 0167-572604

Bezoekmogelijkheid

: op afspraak

Bereikbaarheid

: SMet de auto goed bereikbaar en parkeergelegenheid aan de haven

Prijs / Betaalwijze

:

Gehandicapten

: Niet toegankelijk voor rolstoelgebruikers

Ligging


Molen De Hoop weergeven op een grotere kaart
Oostdijk 2, Sint Philipsland, Nederland

Geschiedenis

In St. Philipsland staat aan de Oostdijk een kleine achtkante houten grondzeiler van het Zeeuwse type, die opvallend geel geschilderd is, korenmolen De Hoop. Waarschijnlijk is deze molen in 1724 in opdracht van de ambachtsvrouwe van St. Philipsland ter vervanging van een standerdmolen, die gesloopt was, gebouwd.
In 1797 achtten de toenmalige ambachtsheren dat de molen moest worden verkocht. Op 5 mei 1797 werd pachter Willem Meijer de nieuwe eigenaar voor fl 4200,- en met betaling van fl 36,- per jaar erfpacht en windrecht.
W. Meyer verkocht in 1853 de molen aan C. Meyer, die de molen in 1899 overdeed aan W. en J.L. Meyer; vanaf 1907 was W. Meijer alleen eigenaar. In 1929 waren de rechten op recognitiën - eigendom met recht van erfpacht - door de ambachtsvrouwe C.J.C. Weerts publiek verkocht aan E.D. v.d. Velde, notaris te Tholen. In 1933 werd C.M. Meijer de nieuwe eigenaar, als vierde molenaar uit dit geslacht. Tot de watersnood in 1953 had C.M. Meijer elders ook een mechanische maalderij. Daarna was hij voor het malen van graan weer geheel afhankelijk van de wind: dit duurde tot eind 1969. De gemeente nam de molen in 1971 na beëindiging van het windmaalbedrijf over. De vroegere erfpacht van 36 gulden was toen teruggebracht tot jaarlijks fl 20,-. In 1966 werd de erfpacht voor fl 660.- van notaris Van de Velde afgekocht.

De molen staat op de zeedijk bij de haven en is daardoor van veraf al zichtbaar.
De molen heeft twee zolders en is nooit bewoond geweest. In 1972, 1988 en 2009 werd de molen gerestaureerd. Sinds de dijkverzwaring in 1980 staat de molen op een betonplaat en betonnen teerlingen. In 1988 was de molen, nadat de dijk op Deltahoogte was gebracht, te laag en ’in een gat’ komen te staan. Daarom is de molen in zijn geheel opgevijzeld en de grond eronder aangevuld, zodat de molen als vanouds de dijk kon domineren.
Aan het begin van de 21ste eeuw werd de toestand van de molen minder goed: met name het staartwerk was aan vervanging toe; er kon niet meer worden gekruid en draaien was dus alleen mogelijk als de wind toevallig uit de goede hoek kwam.
8 maart 2007 werd, met de verwijdering van de kap, begonnen met een grondige restauratie. In de werkplaats van molenmaker Verbij werd vervolgens vastgesteld dat de kap erg slecht was en vrijwel geheel vernieuwd moest worden. Eerder herstelwerk aan de kap bleek ’met kunst- en vliegwerk’ gedaan: zo bestond de ijzeren windpeluw uit een fragment van een oude potroede. Deze tegenvaller leidde tot grote vertraging, omdat voor de onvoorziene uitgaven extra subsidie moest worden aangevraagd. Pas op 26 mei 2009, ruim twee jaar naar de onttakeling, kon de geheel vernieuwde kap worden teruggeplaatst. 29 januari 2010 werd de molen officieel heropend. De molen is op vrijwillige basis in bedrijf.

Het wiekenkruis heeft een vlucht van slechts 17,70 m. De in 1945 aangebrachte Van Bussel stroomlijnwieken zijn later vervangen door Oud-Hollandse tuigage.
Tot eind 1969 werd met een koppel 15er blauwe en een koppel 15er kunstmaalstenen en een buil het maalbedrijf uitgeoefend.
Het achtkant heeft twee bintlagen en twee kruisen per veld. Eén van de achtkantstijlen is ooit met een deel van een oude houten roede aangelast. De rechte onderkant van de romp is opgebouwd uit geel geschilderde verticale planken en staat op acht gemetselde teerlingen van 0,5 m hoog. Het hogere rompgedeelte is voorzien van gele horizontaal gepotdekselde planken met daarin vier kleine vensters. De hoeken van de achtkant zijn afgedekt met wit geschilderde aluminium strippen en bij de insnoering met lood. De kap is bedekt met gepotdekselde planken.
Opmerkelijk is de kruilier, lang geleden bedacht door molenmaker Willem de Groote uit Kloetinge. De enige overgebleven zonder rondgaande kruiketting: de ketting ligt hier naar twee kanten uit, naar iedere kant over een of twee kruipalen en aan de tweede of derde paal aan iedere zijde vast. Men kan aldus 120░ kruien zonder een ketting te verleggen.


Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, ODB
         Allemolens
         Nederlandse Molendatabase
         DHM Molendatabase

De molenaar vertelt

Fotoalbum

Molen De Hoop (.. afbeeldingen)
Fotoalbum onder constructie